Examen gerechtelijke stage: antwoord van de minister

Door Kristien Van Vaerenbergh op 11 maart 2021, over deze onderwerpen: Justitie, Magistratuur, Personeel

Een verschillend toelatingsexamen gerechtelijke stage per taalgroep en ook verschillende voorbereidende documenten. Hoe kunnen we gelijke behandeling tussen de taalgroepen garanderen? Vraag en antwoord aan de minister (bron integraal verslag commissie justitie, website de Kamer).

Vraag in verband met toelatingsexamen gerechtelijke stage

Recent vonden opnieuw de toelatingsexamens tot de gerechtelijke stages plaats. In twee gescheiden sessies leggen Nederlandstalige en Franstalige kandidaten hun examen af.

De werking van de magistratuur, het openbaar ministerie en het vervolgingsbeleid zijn tot nader orde bevoegdheden op Belgisch niveau. Men zou dus kunnen verwachten dat er geen onderscheid is bij de toelatingsexamens tussen Nederlandstalige en Franstalige kandidaten zodat de kwaliteit van de magistratuur overal in dit land op hetzelfde niveau gegarandeerd blijft.

Toch zijn er grote verschillen vast te stellen tussen de Nederlandstalige end e Franstalige kandidaten.

Wat de voorbereiding betreft: blijkbaar worden op het Franstalige gedeelte van de website van de HRJ sinds 2013 elk jaar de vragen en antwoorden van het examen gepubliceerd. In het Nederlands gebeurt dat niet.

Bovendien zijn het Nederlandstalig en Franstalig examen ook niet hetzelfde. Dit jaar was er alvast een duidelijk verschil. Het Nederlandstalig examen ging om een zeer delicate zedenzaak. Een moeder die haar dochtertje van 5 verkocht aan een pedofiel voor 150 euro.

Bij het Franstalige wervingsexamen ging het om drugs en wapenhandel, wat in lijn lag met de voorbeeldexamenvragen in het Frans,waar trouwens geen enkele case over zeden bij was. Het ging praktisch altijd over slagen en verwondingen, drugs, diefstal en doodslag.

Zeden is al zo'n maatschappelijk gevoelig thema waarbij het echt niet evident is hoe je alles in je antwoord moet verwoorden. Zo'n gevoeligheden heb je natuurlijk veel minder bij drugs, maar je krijgt wel hetzelfde tijdsbestek om je examen te maken.

Beide examens vinden ook niet op dezelfde dag plaats, dus in die zin is het wel logisch dat het om een andere casus gaat, maar anderzijds moet het toch niet moeilijk zijn om de examens in de beide landstalen op hetzelfde moment te laten plaatsvinden zodat men wel identiek hetzelfde examen kan zijn.

Waarom worden beide examens niet op een en dezelfde dag georganiseerd zodat alle kandidaten hetzelfde examen krijgen met dezelfde verbetersleutel over de talen heen?

Wie is verantwoordelijk voor het opstellen van de examens en controleert dat beide examens hetzelfde niveau hebben?

Waarom staan er wel voorbeeldvragen bij de Franstaligen maar niet bij de Nederlandstaligen?

In 2017 werd middels Potpourri V de gerechtelijke stage hervormd. Hoe staat men momenteel tegenover deze hervorming? Welke resultaten werpt zij af? Wordt ze geëvalueerd?

 

Antwoord van de minister van justitie:

Dit is een interessante vraag en ik leer elke dag bij omdat het antwoord in dezelfde richting gaat.

Waarom worden beide examens niet op dezelfde dag georganiseerd? Vooreerst moet worden opgemerkt dat de Hoge Raad voor de Justitie een grondwettelijk en onafhankelijk orgaan sui generis is, wat u wel weet, en dat de organisatie van de examens die toegang verlenen tot de magistratuur tot zijn exclusieve bevoegdheid behoort. Ik bezorg u in mijn antwoord dan ook de informatie die de Raad mij heeft bezorgd.

De Hoge Raad voor de Justitie deelt mij mee dat het organisatorisch moeilijk is om de examens voor beide taalrollen op dezelfde dag te laten plaatsvinden, gelet op het groot aantal deelnemers. Er wordt immers een beroep gedaan op de accommodatie van Selor om het kostenplaatje van de organisatie van de examens beheersbaar te houden. Specifiek werd er dit jaar, vanwege de impact van covid, voor geopteerd om in nog kleinere groepen te werken, waardoor het examen gerechtelijke stage aan Nederlandstalige en Franstalige kant werd opgesplitst over twee dagen.

De verantwoordelijkheid voor de opstelling van de examens komt mij niet toe. Misschien is er ooit een periode geweest waarin de minister van Justitie dat wel deed, maar ik doe dat niet. De examenprogramma's worden binnen de Hoge Raad door de verenigde benoemings- en aanwijzingscommissie voorbereid en goedgekeurd door de algemene vergadering en vervolgens door de minister van Justitie bekrachtigd in een ministerieel besluit. Voor dit jaar gaat het om het ministerieel besluit van 24 augustus wat betreft het vergelijkend toelatingsexamen tot de gerechtelijke stage. De effectieve organisatie van de examens behoort tot de onderscheiden bevoegdheid van de Nederlandstalige en Franstalige benoemings- en aanwijzingscommissies.

De specifieke examencommissies, die daartoe conform de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek worden opgericht, bestaan uit evenveel magistraten als niet-magistraten. De casus wordt in overleg met de leden van de examencommissie opgesteld.

De examens kennen zowel aan Nederlandstalige als aan Franstalige kant een gelijkaardige moeilijkheidsgraad. Die moeilijkheidsgraad hangt bovendien niet enkel af van het onderwerp, maar ook van de materiële en procedurele aspecten van de casus. Het gemiddeld slaagpercentage over de verschillende jaren is trouwens gelijklopend. In 2017-2018 was het slaagpercentage aan Nederlandstalige kant 10,75 % en aan Franstalige kant 24,56 %. In 2018-2019 was het slaagpercentage aan Nederlandstalige kant 22,99 % en aan Franstalige kant 21,42 %. In 2019-2020, dus het voorbije jaar, was het slaagpercentage aan Nederlandstalige kant 25,37 % en aan Franstalige kant 16,00 %. Het gaat overigens over een vergelijkend examen per taalrol, waardoor er enkel een vergelijking plaatsvindt van kandidaten die hetzelfde examen hebben afgelegd.

Ook aan Franstalige kant werd er in het verleden reeds voor een casus omtrent zedenfeiten geopteerd. Dat onderwerp is trouwens maatschappelijk erg relevant. Er mag van toekomstige magistraten worden verwacht dat zij met dergelijke delicate zaken kunnen omgaan, er de gepaste juridische gevolgen aan kunnen geven en de maatschappelijke impact ervan correct kunnen inschatten.

Nu kom ik tot uw vraag over de voorbeeldvragen. Aan Franstalige kant werd inderdaad geopteerd voor de publicatie van een aantal goede examens. Aan Nederlandstalige kant hebben de vorige benoemings- en aanwijzingscommissies beslist om niet op die manier te werken, net vanwege het specifieke karakter van het examen. Er wordt immers veel belang gehecht aan het juridisch en maatschappelijk redeneervermogen van kandidaten, waardoor er meerdere oplossingen mogelijk zijn.

De huidige Nederlandstalige benoemings- en aanwervingscommissie heeft dit jaar de examenopdracht licht gewijzigd, waardoor er geen voorbeeld ter beschikking kan worden gesteld. Er wordt overwogen om in de toekomst de werkwijze van de Franstalige benoemings- en aanwervingscommissies te volgen. De kandidaten hebben bovendien op de voorafgaande digitale infosessie veel informatie verkregen over wat van hen wordt verwacht, wat overigens ook in het verleden reeds het geval was. De ervaring toont aan dat een goede voorbereiding de slaagkansen van de kandidaten aanzienlijk verhoogt.

Tot slot, het antwoord op uw laatste vraag over de hervorming van Potpourri V in 2017. De Hoge Raad voor de Justitie is van plan om de gerechtelijke stage tijdens het komende mandaat te evalueren en hierover een denkoefening te houden. Ze zal dat doen met andere actoren, zoals het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding, de korpschefs, de stagebegeleiders en gerechtelijke stagiairs. Dat maakt dus wel degelijk deel uit van hun plannen.

 

Mijn repliek:  Misschien is het op dit ogenblik, met de coronacrisis, wat moeilijker om het organisatorisch allemaal rond te krijgen en alle examens op hetzelfde tijdstip te laten plaatsvinden. Ik mag inderdaad wel hopen dat iedereen die toegang heeft tot hetzelfde beroep, dat volgens dezelfde voorwaarden en hetzelfde niveau kan doen, want daarom wordt het examen georganiseerd. We hebben behoefte aan een sterke magistratuur, en die examens moeten dan ook op punt staan. Ik hoor dat er wordt overwogen om die voorbeeldvragen in de toekomst misschien ook ter beschikking te stellen, zodat iedereen over dezelfde informatie beschikt om aan het examen deel te nemen.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is